
Geen bouwlagen op flats Simon Stevinlaan
12 april 2019 om 10:00 lokaalSOESTERBERG Hoewel burgemeester en wethouders het plan om de portiekflats Simon Stevinlaan 1-47 met twee bouwlagen op te hogen vanuit wonen positief vinden, hebben ze besloten er niet mee in te stemmen.
Eempers
Daar zijn verschillende redenen voor aan te voeren, bijvoorbeeld dat er andere locaties voor woningbouw in Soesterberg zijn; er geen sprake is van een goede ruimtelijke inpassing en het feit dat dit plan ten koste gaat van groen, onder meer door de noodzakelijke aanleg van zestien tot twintig parkeerplaatsen.
De ophoging met twee bouwlagen naar zeventien meter zou acht woningen opleveren met drie slaapkamers. De maximaal toegestane bouwhoogte is elf meter, dus het plan is in strijd met het bestemmingsplan. De gemeente wil zich met name richten op woningen voor senioren en jonge gezinnen. De nieuwe flats zijn, door het ontbreken van een lift, niet geschikt voor senioren, alleen voor jonge gezinnen, mits de woningen in de betaalbare sector zouden worden gerealiseerd. De koop/huurprijs is echter niet bekend.
Er zijn voor de acht flatwoningen elders in ruimte mate alternatieven. Tot en met 2025 worden voor verschillende doelgroepen in Soesterberg minimaal 250 woningen in de betaalbare sector gebouwd, zowel eengezinswoningen als appartementen.
Volgens het college vormen de portiekflats een ruimtelijke eenheid in het groen. Dit luistert erg nauw omdat het om de verhouding bebouwd en onbebouwd gaat en om de gebouwen ten opzicht van de bomen. ,,Het ophogen is een incident dat ervoor zorgt dat de stedenbouwkundige eenheid wordt ontkracht," aldus het college.
Bij het door de ophoging verdichten van de locatie komt er een grote ruimtelijke druk op de groene ruimte omdat er extra parkeerplaatsen moeten worden aangelegd. Dit gaat ten koste van te verwijderen onder beplanting en het kappen van behoorlijk wat bomen. Dit zou een negatief effect kunnen hebben op de bestaande natuurwaarden zoals mogelijk aanwezige flora en fauna.
Bovendien zal op verschillende plekken een deel van het ,bosje' verdwijnen waarachter de flat als het ware wegvalt. Ook het zicht op de gebouwen vanaf de openbare weg wordt vergroot. Bovendien tasten meer parkeerplaatsen het beeld van bosachtig gebied in deze omgeving aan.
Kortom, redenen genoeg voor burgemeester en wethouders om het verzoek af te wijzen, nog afgezien van het mogelijke gevolg dat het verlenen van medewerking ertoe zou kunnen leiden dat ook verzoeken worden gedaan voor het ophogen van de overige portiekflats.









